Dekkingscontrole is taak van de tussenpersoon

8 oktober 2021 om 12:30

Klant is verzekerd tegen brandschade, maar na een brand in zijn bedrijfspand blijkt hij zwaar onderverzekerd te zijn. Dus spreekt hij zijn tussenpersoon aan. Maar die verwijst naar zijn algemene voorwaarden. In hoeverre zijn de algemene voorwaarden en de afspraken volgens het afgesloten serviceabonnement van belang. De vraag is dan ook: heeft de tussenpersoon wel gehandeld zoals van een redelijk handelen en redelijk bekwaam assurantietussenpersoon mag worden verwacht? 

De feiten 

De klant exploiteert een onderneming in kaashandel op verschillende markten in Nederland. Daarnaast houdt hij zich bezig met de exploitatie van bedrijfspanden en woningen. Sinds 2001 heeft de klant zijn verzekeringen, zowel zakelijk als privé, ondergebracht bij de tussenpersoon.  
 
Eind november 2013 is er tegen maandelijkse betaling een serviceabonnement afgesloten. Daarbij heeft de klant ook getekend voor de algemene voorwaarden van de tussenpersoon. Hierin is onder andere opgenomen dat de tussenpersoon niet aansprakelijk is voor schade die door de opdrachtgever of derden wordt geleden als gevolg van onjuist, onvolledige of ontijdige door de opdrachtgever verstrekte inlichting. In een ander artikel staat dat afhankelijk van de gekozen module de klant desgewenst één keer per twee jaar een dekkingscontrole tegen onderverzekering kan aanvragen. De tussenpersoon stelt hiervoor formulieren beschikbaar, die na invulling door de klant door de tussenpersoon zullen worden beoordeeld. Indien van toepassing zal de tussenpersoon de verzekerde bedragen of het risico aanpassen. 
 
Begin 2016 heeft de klant een perceel met bedrijfspand aangekocht. Het is een bedrijfsverzamelgebouw waarin verschillende bedrijven zijn gevestigd. De koopsom bedroeg € 600.000. De klant meldt zich voor de verzekering van het pand bij de tussenpersoon. Die geeft aan de herbouwwaarde in te schatten op € 200.000. Het pand wordt uiteindelijk verzekerd voor € 150.000.  
 
In mei 2017 is de verzekerde som is vervolgens verhoogd naar € 250.000. In de offerte is opgenomen dat er geen garantie tegen onderverzekering is. In een gespreksverslag van november 2019 is opgenomen dat door de tussenpersoon gecheckt is of alle panden op de polis staan en of de verzekerde bedragen afdoende zijn. Er is besproken dat de verzekerde bedragen o.b.v. herbouwwaarde zijn en niet o.b.v. marktwaarde. De conclusie is dat alle panden goed verzekerd zijn. De verzekerde som was op dat moment € 268.650. 
 
In februari 2020 is het pand door brand grotendeels verloren gegaan. De schade is uiteindelijk door een (contra-)expert vastgesteld op een bedrag van € 1.117.581. Als gevolg van onderverzekering zal bij herbouw van het pand een bedrag van € 257.625 worden uitgekeerd. De klant stelt de tussenpersoon aansprakelijk wegens schending van de zorgplicht en vordert een bedrag van ruim € 860.000.  

De beoordeling 

De rechtbank oordeelt dat er onredelijke bedingen zijn opgenomen in de algemene voorwaarden. Er kan bijvoorbeeld geen sprake zijn van uitsluiting van aansprakelijkheid. Een volledige uitsluiting zou feitelijk neerkomen op uitholling van iedere zorgplicht van de assurantietussenpersoon, waardoor zijn rol eigenlijk zinloos is. Het artikel waarin staat dat de verzekerde zelf om een dekkingscheck moet vragen, ontslaat de tussenpersoon niet van zijn verplichting om zelf ook een dekkingscheck uit te voeren. De tussenpersoon heeft nagelaten actief onderzoek te doen naar de informatie die de klant na aankoop van het pand heeft doorgegeven.  
 
Gezien er een doorlopende zorgplicht op de tussenpersoon rust, houdt dit in dat hij tijdens de looptijd van de verzekeringsovereenkomst(en) actief moet waken voor de belangen van zijn klanten. Daar hoort ook het waarschuwen op het risico van onderverzekering bij en de mogelijke gevolgen daarvan. De tussenpersoon had moeten weten dat de prijzen van onroerend goed de afgelopen jaren zijn gestegen en had de klant moeten adviseren een taxatie uit te laten voeren om de juiste verzekerde som vast te stellen. 
 
Daarnaast heeft de klant een serviceabonnement afgesloten waarin is opgenomen dat er dekkingscontrole is tegen onderverzekering. Hoewel de klant daar in dit geval zelf geen gebruik van heeft gemaakt, had de tussenpersoon als deskundige op dit gebied en omdat zij het serviceabonnement aanbood, de klant hier op moeten wijzen.  
 
De rechtbank oordeelt dat de assurantietussenpersoon niet heeft gehandeld zoals van een redelijk handelend en redelijk bekwaam assurantietussenpersoon mag worden verwacht. Ten aanzien van de hoogte van de schade worden partijen in de gelegenheid gesteld aktes te nemen en zich uit te laten over de eventuele benoeming van een deskundige. 

Wat kunt u doen? 

Wanneer u een serviceabonnement met de klant afsluit is het belangrijk dat u nakomt wat u in de overeenkomst heeft afgesproken. De klant betaalt voor dit abonnement en mag hier dan ook wat van verwachten. Als deskundige op het gebied van verzekeringen is het uw taak de klant voor te lichten over de risico’s van onderverzekering en de gevolgen daarvan. En te adviseren over mogelijke maatregelen die de klant kan treffen om onderverzekering te voorkomen zoals een taxatie door een deskundige. Wanneer u belooft om jaarlijks het verzekeringspakket door te nemen, doe dit dan ook en leg het resultaat van uw contact met de klant en de controle van het verzekeringspakket zo specifiek mogelijk vast in het klantdossier. Doe geen aannames voor de klant omdat u een jarenlange relatie heeft, maar ben objectief naar de mogelijke risico’s voor de klant. De klant heeft altijd nog de mogelijkheid om af te wijken van uw advies. 

Wat kan SVC voor u doen? 

Wilt u informatie of begeleiding bij het opzetten van uw dienstverlening met betrekking tot doorlopende dienstverlening of abonnementen? Of uw dossiers laten controleren door middel van een zorgplichtaudit? Neemt u dan contact met ons op.




Op de hoogte blijven het laatste nieuws?
Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief!