Had adviseur kredietverzekering moeten verlengen?

9 april 2020 om 09:45

Een klant heeft in 2007 een doorlopend krediet afgesloten bij adviseur A. Daarbij heeft hij in de vorm van een koopsompolis een kredietverzekering afgesloten. Die beschermde vijf jaar tegen arbeidsongeschiktheid en onvrijwillige werkloosheid. In 2012 liep de kredietverzekering af. Had de huidige adviseur de klant hierop moeten wijzen en de kredietverzekering moeten verlengen?

De feiten 

In 2010 heeft Consument gezondheidsklachten gekregen, die uiteindelijk hebben geleid tot volledige arbeidsongeschiktheid. In 2011 is adviseur B na een portefeuilleovername de adviseur geworden ten aanzien van het krediet. Het krediet werd overgesloten naar een andere geldverstrekker. In 2012 liep de kredietverzekering af. In 2017 werd de klant ontslagen door zijn werkgever.
  
Toen de klant na zijn ontslag contact heeft gezocht met adviseur B, kwam hij er tot zijn schrik achter dat de afgesloten kredietbescherming slechts voor een periode van vijf jaar was afgesloten. De klant klaagt dat de kredietverzekering geen dekking meer biedt en dat hem niet is gevraagd deze te verlengen. Was dat gebeurd, dan was er volgens de klant een (nieuwe) arbeidsongeschiktheidsverzekering gesloten, waaruit de lening had moeten worden afgelost.

De beoordeling 

In de kern komt het verwijt van de klant erop neer dat de adviseur in 2011 advies had moeten uitbrengen over de aflopende dekking voor arbeidsongeschiktheid. Naar het oordeel van de Commissie zijn echter geen feiten en omstandigheden naar voren gekomen, waaruit de conclusie kan worden getrokken dat de klant de dekking voor de arbeidsongeschiktheid had kunnen of willen voortzetten, indien de adviseur hem erop had gewezen dat die dekking zou komen te vervallen. De klant heeft namelijk zelf aangegeven dat hij reeds vanaf 2010 met gezondheidsklachten kampte, die verergerden. Toen de adviseur de kredietovereenkomst eind 2011 in portefeuille kreeg, was het hoogst onzeker of een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor de klant was af te sluiten.  

Daarnaast had de verzekering twee keer verlengd moeten worden, omdat de klant pas in 2017 beroep had hoeven doen op de verzekering. De Commissie is van oordeel dat enerzijds duidelijk blijkt dat de verzekering een looptijd van 5 jaar had en dat anderzijds niet kan worden vastgesteld dat de klant de (dure) kredietverzekering had willen verlengen als hij daar door de adviseur op gewezen was. De Commissie wijst de vordering daarom af. 

Wat kunt u doen? 

Wanneer u een portefeuille overneemt gaat de zorgplicht ook op u over. Of dit alleen de zorgplicht betreft vanaf het moment van overname of zelfs vanaf afsluiten is afhankelijk van de wijze waarop de portefeuille wordt overgenomen. Vast staat dat u hoe dan ook naar verloop van tijd verantwoordelijk wordt voor de zorgplicht in deze portefeuille. Om hier invulling aan te geven dient u een risicoanalyse op te stellen en uw dienstverlening aan de meest risicovolle klanten/financiële producten te starten. De termijn die hiervoor staat is de welbekende ‘redelijkheid en billijkheid’. U zal in voorkomende gevallen moeten kunnen aantonen dat u als een redelijk handelend en redelijk bekwaam beroepsbeoefenaar uw zorgplicht hebt opgepakt.   

Wat kan SVC voor u doen? 

Het is verstandig om inzicht te krijgen in de portefeuille die u overneemt, voordat u de transactie aangaat. Op deze wijze krijgt u inzicht in het onderhoud dat u de komende jaren aan deze portefeuille moet uitvoeren. Een due diligence onderzoek (DDO) kan uitkomst bieden. SVC is één van de meest ervaren partijen voor het uitvoeren van DDO-opdrachten in de financiële dienstverlening. Wilt u meer informatie over de risico’s bij een portefeuille- of bedrijfsovername of een due diligence onderzoek?  Neemt u dan contact met ons op.




Op de hoogte blijven het laatste nieuws?
Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief!